Skip to content
To WdKA graduates platform
Larissa
Hageman

Het imago van de sociale huur.

Project details

Year
2022
Programme
Spatial Design
Practices
Commercial
Minor
Data Design

De grote iconen en nieuwe appartementen nemen de plek in van bestaande (vaak sociale huurwoning complexen), en deze onderdrukking zorgt voor het vergroten van de woningcrisis maar ook het verslechteren van het imago van de verwoeste woningblokken.

Wat betekent het wonen in een ‘‘slecht’’ imago?

Waar voorheen sociale huur alleen een gegeven was voor de armste is het nu ook de enige optie voor de midden-huur sector. Een pleidooi voor het verbeteren van het imago van de sociale huisvesting en het groots experimenteren.

In dit onderzoek probeer ik grip te krijgen op de hedendaagse problematiek van het imago van de enige betaalbare huisvesting. Tijdens het afstuderen ben ik in het onderwerp gedoken door het kijken naar onder andere; huidige politieke, economische en stedelijke systemen, maar ook de oplossing. Om deze oplossing concreter en ruimtelijk te maken ging ik op zoek naar de thema’s, en probeer ik een speerpunten te creëren waarmee ik als ontwerper grip krijg op de ontwerp vraag: Wat is de noodzaak van het verbeteren van het imago van de sociale huisvesting? 

Het antwoord op deze hoofdvraag mondde uit in een scenario waarin ik een toekomstbeeld van Rotterdam creëerde. Het scenario geeft mij als ontwerper de vrijheid om groots en radicaal te denken binnen het opzetten  van een ruimtelijk plan. Het kent een kern van waarheid, het exclusief houden van Rotterdam bij het ‘‘slechte’’ imago van de sociale huursector kent een serieuze kans tot het niet leefbaar houden van de stad. Het antwoord van mijn hoofdvraag: In hoeverre staat sociale huur nog gelijk aan het ‘‘slechte’’ imago, bij het veranderen van de huidige huursector. Het geeft ruimte om de drie speerpunten om te zetten tot vijf thema’s om zo een ruimtelijk programma op te stellen. De woontoren wordt het symbool van mijn visie en is bedoeld om mensen te verleiden voor deze visie waarin wordt gestreefd naar een nieuw architectonisch systeem. De uitwerking daarentegen is vooral een schreeuw om aandacht.

Waar Rotterdam ooit aangaf de sociale huur te stimuleren blijken zich vooral ontwikkelingen voor te doen binnen de hoge huursector. Dit maakt Rotterdam genoodzaakt om groots te gaan experimenteren van het imago van de sociale huisvesting. Lukt het Rotterdam om als enige stad van de mythes rondom de ”slechte” imago af te stappen? De bestaande stedelijke structuur in Rotterdam verleend zich goed voor het maken van een radicale opzet waarin vanaf binnen de sociale huursector vergroot kan worden. 

De associatie rondom het imago als thema’s. De vijf terugkerende thema’s in het imago; menging, betaalbaarheid, toegankelijkheid, kwaliteit en toekomstbestendigheid kunnen dit probleem dan ook oplossen. Dit heeft dan ook gezorgd voor een ruimtelijk uitgangspunt in de vorm van een woontoren met een vrij speculatief standpunt. De woontoren is met zijn grootte een icoon met kritiek op alle onbetaalbare iconen in de stad. Zo duidt dit op onder andere de schaal waarin wordt voorzien in sociale huur. 

Speerpunt 1 

Er moet een nieuwe woonpolitiek komen waarin sociale en dus betaalbare huur het nieuwe gangbare wonen moet worden. Belanghebbende partijen binnen de steden zijn zelf onderdeel maar ook de oplossing voor het imago. Er moet kritisch gekeken worden naar het functioneren van de partijen binnen de verschillende categorieën in de huursector. Het reguleren van deze groepen kan alleen wanneer wij de totale huursector in kaart brengen.

Speerpunt 2

Het is tijd om groots te denken. Reeds geïnitieerde alternatieve modellen van betaalbare huisvesting worden positief onthaald. Maar het gaat steeds over een handvol woningen. Er is een grootschalig project nodig om een statement te maken. Om een krachtige boodschap de wereld in te sturen want uit de huidige structuren van sociale huisvesting kunnen prima alternatieve vormen van betaalbare huisvesting groeien. (Turkmen en van der Grind, 2018).

Speerpunt 3 

Waarom zijn sociale woningbouwcomplexen geen iconen? De uitspraak dat wij mooie gebouwen alleen bouwen voor mooie mensen, (Hiebers, 2021) is niet meer toepasselijk. Ook binnen de sociale huur zou jij moeten kunnen wonen in een mega woontoren met het mooiste uitzicht op de stad. 

Het imago blijkt vooral te gaan over het woonbeleid, en dus het ‘‘imago’’ van de stad. We zien de stad ontwikkelen en daarmee verschillen ontstaan in betaalbaarheid van huisvesting. Het reduceren in schaal waarop de betaalbare huurwoningen worden gebouwd leidt tot een grote kloof. Met deze inzichten werd ik mij bewuster van de ontwikkeling van Rotterdam en hoe de grote iconen en nieuwe appartementen de plek innemen van bestaande (vaak sociale woningbouwcomplexen). En hoe deze onderdrukking zorgt voor het vergroten van de woningcrisis maar ook het verslechteren van het imago van de verwoeste woningblokken. 

In mijn onderzoek heb ik gekeken naar de verschillende de huidige problematiek binnen het imago. Hieruit blijkt dat deze is gevormd door mythes. Deze zijn nogal kort door de bocht en kloppen vaak feitelijk niet. Hierbij hebben vooral discussies met experts (als gemeente, corporatie, sociologen en wetenschappers op het gebied van stadsgeografie, gesprekken met inwoners, overnachtingen in tegengestelde utopieën en data-onderzoek geleid tot de conclusie. Wat zichtbaar werd is dat zowel lage- en middeninkomens in Rotterdam hier aanvankelijk de dupe van zijn. Zo is gebleken dat de grens tussen deze twee schijnend verdwijnt wanneer het gaat om een positie op de woningmarkt. Waar voorheen sociale huur alleen een gegeven was voor de armste is het nu namelijk ook de enige optie voor de midden huursector. Dit leidt tot een grote groep welke schreef worden aangekeken dankzij vooroordelen. Het grid draagt bij aan het prominent positioneren van de woontorens met als orthogonale en diagonale lijn de Peperklip (het grootste sociale huurwoning complex van Nederland) als uitgangspunt. Dit vormt een verbindende factor met de status van dit type bebouwing.

(Afbeelding in samenwerking met Youp van der Heijden)

De uitkomst van dit onderzoek is een project met een pleidooi voor het verbeteren van het imago van de sociale huisvesting voor Rotterdam. Het is een onderzoek waarbij ik me heb verdiept in visies van anderen om zo mijn eigen visie te creëren. Door mijn eigen onderzoeksmethoden op te zetten en de verzamelde gegevens te bestuderen, is deze visie concreet geworden, van waaruit ik aan dit plan heb gewerkt. Het project is een gespreksstarter voor een dialoog over wat het imago is van sociale huisvesting. Met mijn scenario wil ik een nieuw ruimtelijk plan introduceren, waar naar mijn mening de kansen liggen voor de huidige stad. Het is daarmee een project waar ik als ontwerper vrij te werk ben gegaan zonder al te veel restricties, om vooral mijn visie speculatief te verbeelden.

Het concrete antwoord op de hoofdvraag; In hoeverre staat sociale huur nog gelijk aan een ”slecht” imago? Is een nieuw imago. De woorden van socioloog en- wetenschapper zijn wat mij betreft exemplarisch: we spreken niet langer over volkshuisvesting maar over een woningmarkt met een algeheel huursector. Dat lijkt wellicht een minuscuul detail, maar markeert een belangrijke verschuiving in ons denken. In de term volkshuisvesting en/ of sociale huur schuilt de aanname dat huisvesting een collectief goed is dat niet volledig aan de markt overgelaten kan worden, en dat voor iedereen beschikbaar moet zijn.